Oostvaardersplassen
Locatie
De Oostvaardersplassen zijn ontstaan in het voorheen diepste en natste deel van Zuidelijk Flevoland en beslaan een oppervlakte van 5501 ha. Het gebied werd behouden vanwege zich ontwikkelende natuurwaarden. De bestemming van industriegebied is daarom gewijzigd in die van natuurgebied. De omliggende delen van de polder klonken vervolgens in. Om het gebied nat te kunnen houden, werd ruim de helft van het gebied in 1976 omgeven door een kade, waardoor afzonderlijk peilbeheer mogelijk is. Na verdeling in een westelijk en een oostelijk deel kan het water tegenwoordig bij een hoge stand weer vrijelijk stromen en functioneert het bekade deel van het moeras als één geheel.
Uitvoeringsduur: 2008-2010
De aanwijzingsprocedure voor De Oostvaardersplassen moet nog worden afgerond. Iedereen heeft al de mogelijkheid gehad om zienswijzen in te dienen.Meer informatie hierover is te vinden op de site van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) (zie snelkoppeling in rechterkolom onder ‘Meer over’.).
Dienst Landelijk Gebied (DLG) en Staatsbosbeheer hebben van het ministerie van LNV de opdracht gekregen om het beheerplan op te stellen. Zij maken eerst een analyse van enerzijds de huidige situatie en het bestaand gebruik (in én om het gebied) en anderzijds de doelen van Natura2000.
Daarna beschrijven ze passende beheermaatregelen om de instandhoudingdoelstellingen te kunnen halen. In de winter van 2009/2010 starten zij hiermee, het beheerplan is naar verwachting eind 2010 als concept gereed.
Voor de afronding van het beheerplan zal voor belangstellenden een informatiebijeenkomst in de streek worden georganiseerd.
Projectdoel
Een breed gedragen beheerplan voor de Oostvaardersplassen is het doel van dit project. De instandhoudingdoelstellingen voor dit gebied zijn:
- Toename in omvang en kwaliteit van het leefgebied van de broedvogelsoorten blauwe kiekendief en porseleinhoen;
- Behoud van omvang en kwaliteit van het leefgebied van dodaars, aalscholver, roerdomp, woudaap, grote zilverreiger, lepelaar, bruine kiekendief, blauwborst, paapje, snor, rietzanger, grote karekiet (allen broedvogel, voor aantal soorten geldt ook een instandhoudingsdoel buiten broedseizoen) en wilde zwaan, grauwe gans, kolgans, brandgans, bergeend, smient, krakeend, wintertaling, pijlstaart, slobeend, tafeleend, kuifeend, nonnetje, zeearend, kluut, kemphaan en grutto (niet-broedvogel).
Aard werkzaamheden Dienst Landelijk Gebied
DLG stelt het beheerplan samen met Staatsbosbeheer op. DLG voert het projectmanagement en Staatsbosbeheer levert de belangrijkste inhoudelijke bijdrage.
Directie Regionale Zaken West van het ministerie van LNV en provincie Flevoland zijn betrokken als bevoegd gezagen en moeten het beheerplan uiteindelijk goedkeuren. Er wordt een klankbordgroep worden ingesteld van belanghebbenden en betrokken organisaties. Als u namens een belangenorganisatie of overheid zitting wilt nemen in de klankbordgroep, kunt u contact opnemen met Albin Hunia van DLG.
Beheerplan
Het beheerplan beschrijft:
- de precieze locatie van de in stand te houden natuurwaarden;
- waar, in welke mate en in welk tempo natuurwaarden moeten worden ontwikkeld;
- welke beleids- en beheermaatregelen nodig zijn om de instandhoudingsdoelen voor de natuurwaarden te bereiken of te handhaven;
- welke bestaande activiteiten in en nabij het gebied niet schadelijk zijn voor het realiseren van de instandhoudingsdoelen;
- hoe de uitvoering van het beheerplan wordt gemonitord en gefinancierd.